Levensverwachting

Levensverwachting

Volgens onderzoek van de Universiteit Utrecht leven fietsers een half jaar langer, zo las ik laatst. Mooi nieuws, ik fiets veel. Lang zitten daarentegen verkort juist het leven, zo meldde TNO. Vond ik toch wat minder mooi, ik zit namelijk ook best veel. Misschien is het omdat ik er wat op gefocust was, maar ik las ook dat we sówieso langer leven, maar dan niet perse gezond (NewScientist). Oké? Moet ik dat zien als een soort van conclusie?
Ik ging een beetje googelen en las dat noten & pinda’s je tijd rekken (Universiteit Maastricht), dat gebruik van je mobiel – sms’en, whappen, twitteren, facebooken – je leven juist verkort (United Chiropractic Association) en dat wekelijks een uurtje joggen maar liefst zes jaar schijnt op te leveren (Copenhagen City Heart Study). Maar loop je dan weer teveel hard, dan lever je ook weer in (Cardiovascular Research Institute Allentown)…
Zucht.
Maar goed, ik doe dit alles respectievelijk amper, geregeld, niet en al helemaal nooit. Dus wat al die onderzoeken en berichten voor mij betekenen, vind ik nog knap lastig te bepalen.
Hoe dan ook, het is slechts een kleine greep uit al het onderzoek dat we over ons uitgestort krijgen. Voor elke leefstijl lijkt een passend onderzoek. Maar wat nu als het een mix is? Als je én veel fietst én heel hard loopt, ondertussen belt, na afloop noten eet of pinda’s, enz. enz. Wat betekent dat dan voor de levensverwachting?
Ik wacht met smart op de uitkomsten van dat onderzoek. Misschien gaan we statistisch gezien dan wel helemaal nooit meer dood. Of we hebben überhaupt geen leven meer.

Deel op:
Share